Angst

dierenleed in de vee-industrie

Een angstig leven in de vee-industrie.

Angst is een emotie, bedoeld om te reageren bij gevaar

 

Alle zoogdieren hebben emoties.

Een emotie is een reactie van de hersenen op een prikkel uit de omgeving. Het doel van een emotie is actie ondernemen. Bijvoorbeeld om te reageren bij gevaar, om voedsel te gaan zoeken, om jongen te verzorgen en om belangrijke sociale contacten te onderhouden.

Er bestaan 4 basisemoties: blij, bedroefd, bang en boos. Deze emoties zitten in het ‘oudere’ gedeelte van de hersenen en worden ook wel de primaire emoties genoemd. Deze emoties zijn nodig om te overleven. Het ervaren van deze emoties gebeurd reflexmatig. Er is geen denkwerk voor nodig. Dit ‘oudere’ gedeelte van de hersenen wordt ook wel het reptielenbrein genoemd. Het belangrijkste doel van het reptielenbrein is dus: overleven. In de loop van de evolutie is dit gedeelte van de hersenen als eerste ontstaan.

Secundaire emoties zitten in het ‘nieuwere’ gedeelte van de hersenen deze emoties zijn meer complex. Om deze emoties te kunnen ervaren is er een bepaalde mate van denkwerk nodig.

Schaamte is bijvoorbeeld een secundaire emotie. De angst om niet geaccepteerd te worden door groepsgenoten.

Andere secundaire emoties zijn bijvoorbeeld: nervositeit, frustratie, teleurstelling, jaloezie, walging, medelijden en verbazing.

De dieren die gehouden worden in de vee-industrie, kippen, koeien, en varkens hebben niet alleen primaire emoties. Deze dieren hebben ook secundaire emoties. Dus niet alleen instinctief ervaren de dieren emoties, zij kunnen ook na denken over hun emoties.

In de vee-industrie wordt geen rekening gehouden met emoties van dieren. Er wordt niets gedaan om dieren gerust te stellen of om stressvolle gebeurtenissen minder angstig te maken. Ook kunnen bange dieren niet reageren op gevaar en boze dieren kunnen niet hun grenzen bewaken. Vaak begrijpen dieren de situatie of bedoelingen niet. Dit zorgt voor meer frustratie.

Dieren kunnen niet ontsnappen aan behandelingen en mishandelingen van veehouders, transporteurs of slachters. Ook kunnen dieren niet vluchten voor agressieve soortgenoten.

Dieren in de intensieve vee-industrie lijden niet alleen lichamelijk maar ook emotioneel.

Een kalf wordt onmiddellijk na de geboorte bij de moederkoe weggehaald. Moederkoe is diep bedroefd als zij haar jong moet missen.

De zwangerschap van een koe duurt ongeveer 9 maanden. In natuurlijke omstandigheden zorgt een koe tussen de 8 en 11 maanden voor haar kalf en ontwikkelen moeder en kind een band voor de rest van het leven.

Een koe roept nog dagen om haar kalf als haar jong is weggehaald. Moeders hebben het instinct om voor hun kind te willen zorgen. Moeders hebben ook het instinct om het kind te willen beschermen tegen gevaar. Beide emoties zijn nodig voor overleving van het soort.

Als een jong wordt bedreigd, dan wordt de moeder van het jong boos op de aanvaller.

Koeien zijn niet snel boos. Een moederkoe kan erg kwaad worden op de veehouder, als hij haar pasgeboren kalf weghaalt.

In sommige landen wordt in de melkindustrie, het kalf onmiddellijk doodgeslagen na de geboorte in bijzijn van moederkoe. Uiteraard roept dit veel verdriet en woede op bij de moeder van het kalf. Ook in een varkenshouderij moet de moeder van biggen vaak lijdzaam toe kijken, als haar biggen het uitschreeuwen van de pijn, als de staarten van de biggen worden gecoupeerd.

Door pijnlijke ingrepen en behandelingen kunnen dieren bang worden voor de veehouder.

Pijnlijke ingrepen voor dieren zijn bijvoorbeeld: het couperen van staartjes, het verwijderen van hoorns, het krijgen van injecties en het toppen van snavels.

Dieren kunnen ook angst voor de veehouder ontwikkelen als ze de veehouder weinig zien. Ze raken dan niet gewend aan mensen.

Kippen die de pluimveehouder weinig zien, zijn extra gestrest als de vangploeg komt: ze zijn niet gewend zijn aan mensen.

Dieren zijn net als mensen bang voor pijn en dood. Het slachten is voor de dieren uiteraard een zeer angstige gebeurtenis.

Bang voor soortgenoten: in elke groep zitten pestkoppen en vechtersbaasjes.

Angst voor soortgenoten komt veel voor

 

Opgesloten in stallen en vrachtwagens kunnen dieren elkaar gaan bijten of naar elkaar gaan pikken.

Dit kan leiden tot gevechten. Waarbij dieren elkaar ernstig verwonden en soms zelfs doden.

Varkens kunnen grote ruzie krijgen met andere varkens als ze samen worden opgesloten.

Kalkoenen zijn zeer agressief naar soortgenoten. Daarom wordt het topje van de snavel bij kalkoenen verwijderd en het licht in de stal gedempt. Maar ondanks deze maatregelen beschadigen kalkoenen elkaar. Ook kippen pikken naar elkaar.

In kleine ruimtes kunnen dieren niet schuilen en niet vluchten voor agressieve soortgenoten.

Angst voor soortgenoten levert veel stress op. Dit is niet goed voor het welzijn van dieren.

VEGAN ETEN VOOR DIEREN

Het produceren van vlees, vis, eieren en melk veroorzaakt dierenleed.
Meer over dierenleed in de vee-industrie:

 

UITGEPUT

Uitgeput en moe van het produceren.

BRAND

Brand! Vluchten is niet mogelijk.

Wil jij gezond, planetproof en diervriendelijk eten?
en ook nog lekker en easy?

Download het gratis e-book

ONTDEK HOE GOED VEGAN ETEN IS