Doorgefokt

dierenleed in de vee-industrie

Dieren worden doorgefokt om steeds meer vlees, melk of eieren te produceren.

Domesticatie is het veranderen van eigenschappen door selectief te fokken

 

Eigenschappen van dieren worden veranderd door selectief te fokken. Het doel van selectief fokken is dat dieren zich steeds meer aanpassen aan de behoefte van de mens. Dit wordt domesticatie genoemd.

Dieren worden gefokt als gezelschapsdier, voor het produceren van voedsel en voor het verrichten van werk.

Door selectief fokken kunnen in korte tijd enorme veranderingen plaatsvinden binnen een diersoort. Kippen leggen van nature ongeveer 16 eieren per jaar. Tegenwoordig leggen kippen 300 eieren per jaar.

Dieren worden al duizenden jaren gedomesticeerd voor het produceren van melk, eieren en vlees. Dieren die gefokt worden voor voedsel, voor de mens, moeten aan bepaalde eigenschappen voldoen.

Dieren met ingewikkelde diëten worden niet gedomesticeerd. Het moet voor de mens eenvoudig zijn om de dieren te eten te geven. Ook moeten de dieren makkelijk tam te maken zijn. Dit lukt beter bij groepsdieren dan bij dieren die alleen leven. Groepsdieren zijn gewend aan rangorde. Gedomesticeerde dieren zijn volgzaam en accepteren het gezag van de mens. Gedomesticeerde dieren kunnen in gevangenschap leven en planten zich ook voort in gevangenschap. De jongen groeien snel en gemakkelijk op.

Dieren die gedomesticeerd worden als gezelschapsdieren hebben dezelfde eigenschappen als dieren die gedomesticeerd worden voor voedsel. Plus nog een paar extra eigenschappen. Gedomesticeerde huisdieren zijn ook knuffelbaar, reageren op menselijke emoties en kunnen getraind worden.

Domesticatie is iets anders dan temmen. Getemde dieren worden in het wild gevangen en getemd. Getemde dieren bezitten niet de eigenschappen die gedomesticeerde dieren bezitten. Deze dieren planten zich moeilijk voort of blijven gevaarlijk voor de mens, omdat ze niet volgzaam zijn.

Het eerst gedomesticeerde dier was de hond. Honden werden 100.000 jaar geleden al gedomesticeerd. Rond 8000 voor Christus werd het varken, de geit, de kip, de koe en het schaap gedomesticeerd.

Evolutionair gezien gaan deze aanpassingen razendsnel.

De mens selecteert en fokt op gunstige eigenschappen voor de mens. Het welzijn voor dieren is volledig ondergeschikt. Honden worden gefokt op een “mooi” uiterlijk, waardoor bulldogs moeilijk ademhalen. Varkens worden doorgefokt op het krijgen van zoveel mogelijk biggen. Een groot gedeelte van de pasgeboren biggen sterft.

Inmiddels zijn sommige diersoorten zover gedomesticeerd dat ze onder natuurlijke omstandigheden niet meer normaal kunnen leven.

Vleeskippen eten zich dood, door de genetisch bepaalde grote eetlust. Kalkoenen kunnen zich niet meer normaal voortplanten. De haan is te zwaar voor de hen. Vleeskoeien bevallen met een keizersnede omdat het kalf te groot is voor het bekken van de koe.

Dieren worden al zo lang gedomesticeerd dat het soms lastig is om nog te spreken van natuurlijk gedrag. In sommige gevallen weten we niet hoe een gedomesticeerd dier zich gedraagt in de vrije natuur.

Hier worden wel experimenten mee gedaan.

Nick Timmermans, student aan de HAS in Den Bosch, deed een experiment met een gedomesticeerde zwangere zeug. De zeug was al drie keer bevallen in een kraamstal in de veehouderij. Toen de zwangere zeug gelegenheid en nestmateriaal kreeg, tijdens haar zwangerschap, maakte ze een nest. Op dezelfde manier als wilde zwijnen. In dit nest kreeg ze haar jongen.

Vleeskippen

Vleeskippen met XXL-kipfilet

 

Doorgefokte vleeskippen produceren een extreem grote kipfilet in korte tijd. Deze abnormale groei zorgt voor lichamelijke problemen bij de kip.

Als vleeskuikens 3 weken oud zijn, kan 75% van de kuikens niet meer normaal lopen. De kuikens hebben pijn aan de poten en gewrichten. Op deze leeftijd lijden ook veel kuikens aan buikzucht. Vocht heeft zich rond de organen opgehoopt en maakt ademhalen moeilijk. De helft van de kuikens heeft last van misvorming van kraakbeen bij de vorming van kraakbeen.

Als vleeskuikens vier weken oud zijn beginnen de organen het zwaar te krijgen. Een gedeelte van de kuikens sterft aan problemen met het hart, de darmen of de luchtwegen. Andere kuikens stikken aan de gevolgen van buikzucht. Het opgehoopte vocht heeft ademhalen onmogelijk gemaakt. Veel dieren worden kreupel. De kip is te zwaar geworden voor de gewrichten.

De opfokperiode van een normaal vleeskuiken duurt zes weken. Sommige kippen kunnen aan het einde van de opfokperiode niet meer lopen. Deze kippen drogen uit of verhongeren, omdat ze niet meer bij het water en eten kunnen komen. Kippen die niet meer kunnen lopen, liggen in de uitwerpselen. Van de ammoniak in de uitwerpselen krijgen de kippen brandwonden. Jaarlijks sterven meer dan 20 miljoen vleeskuikens in de stal in Nederland. Een kuikentje vleeskip weegt na zes weken 2,3 kilo.

Als mensen in dezelfde verhouding zouden groeien als vleeskippen dan zou een peuter van 2 jaar 160 kilo wegen.

Legkippen

Legkippen met hyperactieve voortplantingsorganen

 

Kippen leggen niet van nature elke dag een ei. Een wilde kip legt ongeveer 10 tot 16 eieren per jaar.

Kippen leggen ook niet van nature in alle seizoenen eieren.

De lengte van dagen is normaal van invloed op de leg.

Doorgefokte legkippen kunnen – door een mutatie in het TSHR gen – het hele jaar eieren leggen.

Legkippen leggen gemiddeld 300 eieren per jaar. Door het hyperactieve voortplantingsorgaan krijgen 35% van de legkippen eierstokkanker.

Kippen leggen eieren via het cloacakanaal. Het cloacakanaal raakt uitgeput door het vele eieren leggen. Op een pluimveebedrijf sterft 11% van de kippen aan cloaca prolaps. Het is normaal dat een stukje van het cloacakanaal tijdens het leggen van een ei naar buiten komt. Na het leggen van een ei gaat dat weer naar binnen. Bij cloaca prolaps trekt de cloaca zich niet meer terug.

Veel legkippen krijgen een calciumtekort. Doordat de calciumvoorraad uitgeput raakt door het eieren leggen. Hierdoor ontstaat osteoporose. Dit vergroot de kans op botbreuken. Calciumtekort kan ook beroertes en hartaanvallen veroorzaken. Als een kip na geruime tijd eieren leggen, niet meer in staat is om het hele ei uit te drijven, worden restanten van het ei ingekapseld. Dit ingekapselde ei veroorzaakt dodelijke infecties aan het buikvlies.

Uiteindelijk sterven de meeste legkippen als ze niet worden geslacht, een pijnlijke dood, door problemen aan de voortplantingsorganen. Een legkip wordt geslacht als het dier ongeveer 17 maanden oud is.

Varkens

Moddervette varkens

 

Een wild zwijn weegt gemiddeld 57 kilo een vleesvarken weegt gemiddeld 160 kg. Het vlees van een vleesvarken is mager geworden. De snuit is korter en het hart en de longen zijn in verhouding kleiner geworden.

Doorgefokte varkens zijn daardoor gevoelig voor warmte. Een varken raakt warmte kwijt door zijn snuit. De kortere snuit werkt minder goed om warmte kwijt te raken. Een hartstilstand kan het gevolg zijn van hitte bij een varken.

Varkens kunnen niet zweten. In natuurlijke omstandigheden neemt een varken een modderbad om af te koelen. In de Nederlandse stallen kan dat niet. In sommige landen, zoals Zwitserland, is het verplicht dat varkens gelegenheid hebben om zich af te koelen. Bijvoorbeeld met een douche.

Door de kleine longen krijgt een varken het snel benauwd en is het extra gevoelig voor slechte luchtkwaliteit.

Het gevolg van doorfokken op mager vlees en snel groeien is dat meer dan 70% van de varkens botaandoeningen heeft, door groeistoornissen van het kraakbeen.

Een wild zwijn krijgt 5 tot 6 jongen per jaar. Een fokzeug krijgt meer dan 30 biggetjes per jaar. De biggen zijn daardoor kleiner en zwakker geworden. Het gevolg daarvan is dat meer biggen doodgeboren worden en meer biggen vroegtijdig sterven.

In 2017 was het aantal biggen dat doodgeboren werd, of in de eerste levensmaand stierf 13,3 procent. In 2017 stierven er 5.389.606 biggetjes in Nederland.

Een zeug heeft zestien tepels en kan wel twintig biggen in een worp krijgen, waardoor er voor elk biggetje niet een tepel is.

In december 2018 was de totale varkensstapel in Nederland 11.934.000 volgens Centraal Bureau voor de Statistiek.

Runderen

Grote biefstuk runderen

 

Dikbilrunderen zijn doorgefokt op een verandering in het DNA, waardoor de bilspieren extreem snel groeien. Het doel is een grote biefstuk produceren.

Een natuurlijke bevalling is meestal niet mogelijk bij dikbilrunderen. De bekkens van de koeien zijn te klein voor de stevig gebouwde kalveren. In meer dan 90% van de gevallen komen deze kalveren ter wereld via een keizersnede. Bij een keizersnede, is er meer napijn en een grotere kans op complicaties bij de moeder. Een dikbil koe, doorstaat gemiddeld drie keizersneden in haar leven.

Het dikbil-gen bij runderen, leidt in 10% van de gevallen ook tot andere erfelijke afwijkingen, zoals: dikke tongen, kromme poten en hart- en ademhalingsproblemen.

Een dikbilstier wordt geslacht op de leeftijd van 2 jaar, het dier weegt dan 600 tot 800 kilo.

Eenden

Obesitas eenden

 

Eenden zijn van nature slanke beesten. Doorgefokte eenden groeien snel en worden veel zwaarder dan wilde eenden.

Doorgefokte eenden hebben last van hart, lever, en ademhalingsproblemen. En problemen bij de ontwikkeling van botten en gewrichten.

In de stallen moeten eenden de hele dag staan. Daar zijn eenden niet op gebouwd. Zwemwater is niet aanwezig. Eenden kunnen zich ook niet wassen in de stallen waardoor de dieren vervuilen.

De opfokperiode van eendenkuiken tot eend duurt gemiddeld 7 weken. Het dier weegt dan 3 kilo. Jaarlijks worden er ruim 8 miljoen eenden in Nederland geslacht.

Aan het einde van de opfokperiode kunnen sommige eenden – door lichamelijke gebreken – niet meer lopen. Deze eenden sterven in de stal door uitdroging of verhongering.

Kalkoenen

Grote mannen kalkoenen

 

Natuurlijke bevruchting is bij doorgefokte kalkoenen niet mogelijk. De haan is te zwaar voor de hen. Bij paren verwondt de haan de hen. Daarom worden hennen kunstmatig bevrucht.

De hennen en hanen worden gescheiden van elkaar opgefokt. Het verschil in grootte, is te groot, om hennen en hanen samen op te fokken.

Het fokbeleid van vleeskalkoenen is gericht op groeisnelheid en grote borstfilets. Dit gaat voor het dier gepaard met aandoeningen aan botten, gewrichten, spieren en het hart. Ook is de doorgefokte kalkoen gevoeliger voor ziekte. Aan het eind van de opfokperiode kan 98% niet meer normaal lopen door het gewicht van het dier.

Het agressieve gedrag van kalkoenen – wat zich uit in verenpikken en kannibalisme – is waarschijnlijk ook het resultaat van jarenlang doorfokken.

De opfokperiode van kalkoenenhennen duurt gemiddeld 16 weken. Kalkoenhennen wegen ongeveer 10 kilo als ze worden geslacht. Van de kalkoenhennen sterft 5% in de stal.

Kalkoenhanen worden in 21 weken opgefokt. Het slachtgewicht van een kalkoenhaan is ongeveer 20 kilo. Van de kalkoenhanen sterft 8 tot 12% voordat ze geslacht worden.

 

Bronnen: Wakker Dier, Varkens in Nood, Natuurinformatie, Compassion in World Farming, Levende Have, Enjoy the vegan movement.

VEGAN ETEN VOOR DIEREN

Het produceren van vlees, vis eieren en melk veroorzaakt dierenleed.
Meer over dierenleed in de vee-industrie:

 

BRAND

Brand! Vluchten is niet mogelijk.

ONGELUK

Ongeluk en ongelukkig leven.

Wil jij gezond, planetproof en diervriendelijk eten?
en ook nog lekker en easy?

Download het gratis e-book

ONTDEK HOE GOED VEGAN ETEN IS