Ongeluk

dierenleed in de vee-industrie

Kantelende vrachtwagens, doorgezakte stalvloeren en andere ongelukken.

Ongelukken in een ongelukkig leven

 

Stalbranden, kantelende veewagens, instortende stalvloeren en uitvallende ventilatiesystemen: er gebeuren regelmatig ongelukken in de intensieve veehouderij.

Het ontstaan van de vee-industrie is ook een ongeluk, de intensieve veehouderij is per ongeluk ontstaan.

In de intensieve veehouderij leven koeien, kalveren en varkens boven een kelder gevuld met mest.

Via een rooster komt de mest en urine terecht in deze kelder. De mestkelder.

Als de vloer waarop dieren staan instort, vallen de dieren in de mest en verdrinken.

Dieren die niet verdrinken in de mest en worden gered, hebben vaak mest in de longen. Dit kan longontsteking veroorzaken.

Door de val kunnen dieren ook gewond raken of botten breken. De ammoniak in de mest kan de ogen beschadigen, dit kan blindheid veroorzaken.

Van de geredde dieren moet vaak een gedeelte alsnog geëuthanaseerd worden.

Stalvloeren kunnen instorten doordat ze slecht zijn onderhouden, of versleten zijn. In de loop van de jaren worden de vloeren aangetast door de chemische stoffen in de mest.

Ook nieuwe vloeren kunnen instorten.

Het gas van de mest kan zich onder sommige vloeren ophopen. Waardoor een klein vonkje een explosie kan veroorzaken. Waardoor de vloer instort.

Het mestgas methaan is erg brandbaar. Methaan is lichter dan lucht en stijgt dus op. In ruimtes waar gas niet kan ontsnappen zoals in sommige mesttanks en mestopslagen blijft methaan hangen.

Het mixen van de mest kan er ook voor zorgen dat er veel methaangas vrijkomt.

Als de opgestegen methaan in contact komt met een vonkje, van bijvoorbeeld een mestrobot of een trekker, ontstaat door de aanwezige methaangas een explosie.

Behalve dat vloeren kunnen instorten in de vee-industrie, kunnen ook daken van stallen instorten.

Soms is de oorzaak slecht onderhoud.

Ook het weer kan een dak doen instorten. Het gewicht van sneeuw op het dak kan ervoor zorgen dat een dak instort.

Door heftige storm worden soms stukken dak weggewaaid.

Het uitvallen van ventilatiesystemen, waardoor dieren geen frisse en verkoelende lucht krijgen, veroorzaakt elk jaar dode dieren.

Als de buiten temperatuur hoog is, is het uitvallen van ventilatiesystemen erg gevaarlijk voor dieren.

In het verkeer gebeuren ongelukken.

Ook met vrachtwagen vol geladen met varkens of kippen gebeuren ongelukken.

Het resultaat is een rijbaan met loslopende gestreste en gewonde dieren. En vele dode dieren.

Het grootste ongeluk: Het ontstaan van de vee-industrie. 500 in plaats van 50 kippen.

De intensieve vee-industrie is per ongeluk ontstaan

 

Begin jaren twintig van de vorige eeuw bestelt een kippenhoudster in Amerika 50 kuikens. Om geld te verdienen aan het verkopen van eieren.

Per ongeluk krijgt de kippenhoudster, Cecile Steele, 500 kuikens.

Ze bouwt voor de kippen een binnenhok en geeft de dieren te eten.

Van de 500 kippen gaan er 113 dood.

Wanneer de 387 overlevende kippen een kilo wegen, laat Cecile Steele de kippen slachten en verkoopt het vlees.

Ze verdient meer geld aan het vlees van deze kippen dan ze met de verkoop van eieren verdient.

Tot daarvoor werden kippen voornamelijk voor de eieren gehouden.

Het begin van de intensieve vee-industrie is ontstaan.

Het jaar daarna kocht Cecile Steele 1000 kuikens, in 1926 kocht ze 10.000 kuikens en in 1928 kocht ze 26.000 kuikens.

In 1928 zijn er 500 kippenfarmen in de regio die het financiële succes van mevrouw Steele kopiëren.

Tegenwoordig zijn er in Sussex Country 2700 kippenhokken die jaarlijks 200 miljoen vleeskuikens produceren. De kippen bereiken in zeven tot acht weken een gewicht van ruim 2 kilo. In plaats van een gewicht van 1 kilo in 18 weken in 1923.

Snel wordt ontdekt dat het binnen houden van kippen problemen met zich mee brengt.

Daarom krijgen de kippen extra vitamine D. Dit is nodig door het gebrek aan daglicht in de stallen. En de kippen krijgen antibiotica. Omdat de dieren gevoeliger zijn voor ziektes doordat ze in grote groep binnen leven.

In 1936 worden voor het eerst 500 kippen 1000 kilometer vervoerd. Om de kippen goedkoper te laten slachten dan bij de plaatselijke slachterij.

Het zo goedkoop mogelijk produceren van kippenvlees is dan al een feit.

Cecile Steele verdient goed geld aan het houden van kippen. Ze koopt een mooi huis en een luxe jacht van het verdiende geld.

Mevrouw Steele, geboren in 1900, sterft 7 oktober 1940 samen met haar man door een explosie op hun luxe jacht.

Na de Tweede Wereldoorlog wordt de veehouderij in Nederland intensief.

Door de stijgende lonen neemt de vraag naar vlees toe.

En met de hongerwinter van 1945 in het achterhoofd, wordt er veel belang gehecht aan het produceren van voedsel.

Boeren worden door de overheid gestimuleerd om te moderniseren, zich te specialiseren in 1 product en hun bedrijven te vergroten.

De boeren ontvangen subsidie voor deze aanpassingen.

Er vindt daardoor een enorme schaalvergroting plaats in de bedrijven die vlees, eieren en melk produceren. Ook gaan de bedrijven zich specialiseren in 1 product.

In 1950 zijn er 271.000 bedrijven met varkens, die gezamenlijk 236 miljoen kilo varkensvlees produceren. In 2015 zijn er 6000 varkensbedrijven die gezamenlijk 1456 miljoen kilo varkensvlees produceren (cijfers CBS).

In 1950 geeft een gemiddelde melkkoe 4 duizend liter melk per jaar. In 2015 geeft een melkkoe meer dan het dubbele: 8,2 duizend liter melk per jaar (cijfers CBS).

Door subsidies van de overheid en de gegarandeerde minimum melkprijs door de overheid wordt de productie van melk een stuk hoger dan de vraag naar melk.

Er wordt zoveel melk geproduceerd dat er boterbergen en melkplassen ontstaan, in de jaren 60 van de vorige eeuw.

Om de boter en melk kwijt te raken stelt de Europese Unie export bevorderende subsidies in. En de zuivelconsumptie in Nederland wordt flink gestimuleerd.

In de jaren tachtig wordt het melkquotum ingevoerd, om te voorkomen dat er te veel melk wordt geproduceerd. In 2015 wordt het melkquotum weer afgeschaft.

Consumenten zijn in de jaren zestig nog niet bekend met het lijden van dieren in de vee-industrie.

De intensieve veehouderij wordt beschouwd als positief: Een efficiënte manier van voedsel produceren.

In 1971 wordt de eerste dierenrechtenorganisatie opgericht die het opneemt voor de dieren in de intensieve veehouderij: Lekker Dier.

Er ontstaat rond die tijd weerstand tegen de vee-industrie.

Na Lekker Dier worden er meer dierenwelzijnsorganisaties opgericht zoals Varkens in Nood en Animal Rights.

Ook de dierenbescherming gaat zich inzetten voor de dieren in de vee-industrie. En houdt in de jaren 80 van de vorige eeuw een succesvolle campagne tegen de legbatterijen. Voor scharreleieren.

Varkens in Nood wordt in 1997 opgericht tijdens de uitbraak van de varkenspest.

Varkens in Nood is opgericht om een eenmalige actie op te zetten: geld in zamelen voor advertenties in grote dagbladen, om aandacht te vragen voor de varkens. Nog steeds komt Varkens in Nood op voor de rechten van varkens in Nederland en in het buitenland.

Dierenwelzijnsorganisaties bedenken het woord: bio-industrie. Om de fabrieksmatigheid van de intensieve veehouderij aan te geven. Bio-industrie is een vertaling van de Engelse term ‘factory farming’.

In 2009 schaffen dierenwelzijnsorganisaties het woord bio-industrie weer af. Omdat het verward kan worden met de biologische veehouderij.

Vanaf dan wordt er gesproken over vee-industrie of intensieve veehouderij.

Onder vee verstaan we dieren die als voedselbron gehouden worden. Zoals koeien, varkens, schapen, kippen, kalkoenen, ganzen en eenden. Het kweken van vis valt ook onder veeteelt. In andere landen worden dieren zoals struisvogels, herten en kangoeroes, kamelen en lama’s ook beschouwt als vee.

De aandacht van de dierenwelzijnsorganisaties is in eerste instantie gericht op de veehouder.

Later komt er ook aandacht van dierenwelzijnsorganisaties voor de supermarkten, die de prijzen van de veeboeren onder druk zetten, met bijvoorbeeld de kiloknallers.

In 2002 wordt als protest tegen het kabinetsbeleid de Partij voor de Dieren opgericht. In 2006 komt de Partij voor de Dieren met twee zetels in de Tweede Kamer.

VEGAN ETEN VOOR DIEREN

Het produceren van vlees, vis, eieren en melk veroorzaakt dierenleed.
Meer over dierenleed in de vee-industrie:

 

DOORGEFOKT

Gefokt om te produceren.

HITTE/KOU

Te warm of te koud.
Wil jij gezond, planetproof en diervriendelijk eten?
en ook nog lekker en easy?

Download het gratis e-book

ONTDEK HOE GOED VEGAN ETEN IS