Ziek

dierenleed in de vee-industrie

In de vee-industrie streven bedrijven niet naar gezonde dieren. Maar naar een gezond bedrijfsresultaat: Winst.

Met zo weinig mogelijk kosten geld verdienen

 

Vlees, melk en eieren worden zo goedkoop mogelijk gemaakt.

Om goedkoop te produceren wordt er weinig geld uitgegeven aan voedsel, huisvesting, transport en de dierenarts.

Om geld te besparen staan er veel dieren in een stal. En leven dieren in smerige situaties.

Dieren krijgen voedsel om snel te groeien of veel melk te geven.

Doordat er veel dieren in een stal staan kan een ziek dier veel soortgenoten besmetten. Dit wordt nog verergerd door de onhygiënische omstandigheden in een stal.

De viezigheid in een stal maakt veel dieren ziek.

Het staan en liggen in de mest veroorzaakt problemen aan de klauwen, brandblaren en ontstekingen.

De ammoniakdampen in de mest veroorzaken problemen aan de ogen en luchtwegen.

Het voedsel voldoet niet aan de voorwaarden voor een goede spijsvertering, waardoor veel dieren darm- en maagklachten hebben.

Door de slechte omstandigheden zijn de dieren snel gestrest, waardoor de weerstand afneemt en dieren gevoeliger worden voor ziekte.

Ook het doorfokken heeft dieren gevoeliger gemaakt voor ziektes.

Zieke dieren worden vaak niet behandeld. En er wordt meestal ook geen pijnstilling gegeven. Sommige diersoorten, zoals kippen, krijgen nooit pijnstillers.

In grote groepen kunnen zieke dieren niet goed herstellen en ze zijn kwetsbaar. Ze worden door soortgenoten gebeten of gepikt.

Een gedeelte van de dieren sterft vroegtijdig in de stal. Uitval. Dit wordt als normaal beschouwd.

Het uitvalpercentage is ‘gewoon’ een ingecalculeerde kostenpost.

Om de dieren in grote aantallen in smerige stallen met slechte luchtkwaliteit, levend te houden, wordt op grote schaal antibiotica gebruikt.

Het antibioticagebruik per dier is in Nederland is het hoogst in heel Europa.

In Nederland wordt meer dan 500 ton antibiotica per jaar gebruikt. In Denemarken wordt op een vergelijkbare hoeveelheid dieren nog geen kwart verbruikt.

De prijs van de kostenbesparing in de vee-industrie: zieke en gewonde dieren.

Miljoenen dieren zijn ziek

 

Door het slechte luchtklimaat in de stal heeft meer dan 50% van de varkens een longaandoening. Bij kippen heeft meer dan 20% problemen met de luchtwegen. Van de witvleeskalveren heeft 50% beschadigde longen. En meer dan 33% borstvliesontsteking. Van de rosékalveren heeft 66% beschadigde longen en 50% borstvliesontsteking.

Van de vleesvarkens heeft 58% een maagaandoening, bijvoorbeeld een maagzweer. Bij fokzeugen is dit 74%. Van de fokzeugen heeft 10% een blaasontsteking en 5% heeft doorligwonden.

Klauw en pootproblemen heeft 5 tot 10% van de fokzeugen. Uit een onderzoek van Wageningen University en Research blijkt dat tussen de 15 en 20% van de vleeskippen voetzweren heeft. In Nederland hebben 50 miljoen kippen per jaar voetzweren.

Meer dan 70% van de varkens heeft last van osteochondrose. Osteochondrose is een botaandoening door groeistoornis van het kraakbeen. Osteochondrose is een pijnlijke aandoening. Het bot krijgt te weinig bloed en sterft af. Osteochondrose is het gevolg van jarenlang doorfokken op mager vlees en snelle groei bij varkens. Bij kippen en kalkoenen komt misvorming bij vorming van kraakbeen ook veelvuldig voor.

Het snelle groeien van varkens en kippen is een aanslag op de organen. De organen zijn in verhouding kleiner dan bij natuurlijke dieren. Dit leidt tot hart en longproblemen.

Legkippen leggen gemiddeld 300 eieren per jaar. Door het hyperactieve voortplantingsorgaan krijgt 35% van de legkippen eierstokkanker.

Kippen leggen eieren via het cloacakanaal. Het cloacakanaal raakt uitgeput door het vele eieren leggen. Op een pluimveebedrijf sterft 11% van de kippen aan cloaca prolaps. Het is normaal dat een stukje van het cloacakanaal tijdens het leggen van een ei naar buiten komt. Na het leggen van een ei gaat dat weer naar binnen. Bij cloaca prolaps trekt de cloaca zich niet meer terug.

Veel legkippen krijgen een calciumtekort. De calciumvoorraad raakt uitgeput door het eieren leggen. Hierdoor ontstaat osteoporose. Dit vergroot de kans op botbreuken. Calciumtekort kan ook beroertes en hartaanvallen veroorzaken.

Veel dieren kunnen aan het eind van de opfokperiode niet meer normaal lopen. Het dier wordt te zwaar voor de gewrichten. Bij kalkoenen kan 98% van de dieren aan het eind van de opfokperiode niet meer normaal lopen.

Vogelpest, MKZ (mond-en-klauwzeer), Varkenspest, Q-koorts, en BSE (gekkekoeienziekte).

Soms breken er epidemieën uit in stallen

 

Sommige ziektes zijn erg besmettelijk, zoals bijvoorbeeld varkenspest. Als er een besmettelijke ziekte uitbreekt in een stal wordt dat een epidemie genoemd. Voorbeelden hiervan zijn: Vogelpest, MKZ (mond-en-klauwzeer), Varkenspest, Q-koorts en BSE (gekkekoeienziekte).

Om verdere besmetting te voorkomen bij het uitbreken van een epidemie worden veel dieren preventief gedood. Het bestrijden van een epidemie kost meer dierenlevens dan de ziekte zelf. Bij het bestrijden van MKZ werden er op elk besmet dier 8000 gezonde dieren gedood.

Meer dan elf miljoen varkens werden gedood bij de laatste uitbraak van varkenspest in Nederland. Tientallen miljoenen varkens worden gedood bij de varkenspestuitbraak in China. De varkens in China worden levend in brand gestoken en levend begraven.

Er bestaat een vaccin tegen varkenspest. Uit economische overwegingen mogen varkens in de Europese-Unie niet worden gevaccineerd tegen deze ziekte.

Tegen de varkenspest die in China heerst bestaat nog geen vaccin.

Mensen kunnen ook ziek worden van de vee-industrie.

In sommige gevallen is een ziekte uit de vee-industrie een direct gevaar voor mensen. Zoals bijvoorbeeld Q-koorts en BSE.

Indirect worden ook mensen ziek door de vee-industrie. Fijnstof, ammoniak en stikstof in de lucht maakt mensen vatbaarder voor bijvoorbeeld longaandoeningen.

In Limburg en Brabant worden de meeste varkens, kippen en geiten gehouden, in verhouding tot andere provinciën. Ongeveer 66% van alle varkens, 40% van alle geiten, en 40% van alle kippen, 8 miljoen varkens, 235.000 geiten, 43 miljoen kippen.

In de gebieden in Brabant en Limburg waar veel vee-industrie is, zijn meer mensen besmet geraakt met Corona. In verhouding tot andere gebieden in Nederland. Mogelijk maakt luchtvervuiling door de vee-industrie mensen vatbaarder voor Corona.

Ook in slachthuizen raakten veel mensen besmet met het Coronavirus.

 

Bronnen: Wakker Dier, Dier en Recht, Varkens in Nood, Animal Rights, Algemeen Dagblad

VEGAN ETEN VOOR DIEREN

Het produceren van vlees, vis, eieren en melk veroorzaakt dierenleed.
Meer over dierenleed in de vee-industrie:

 

NIET BUITEN

Nooit een frisse neus.

UITGEPUT

Uitgeput en moe van het produceren.

Wil jij gezond, planetproof en diervriendelijk eten?
en ook nog lekker en easy?

Download het gratis e-book

ONTDEK HOE GOED VEGAN ETEN IS